Daar komt-ie weer de straat in: de enige tweejarige in de buurt met zijn eigen weeralarm. Als hij de stoep op waggelt, hoor ik mijn eigen fundering zachtjes kreunen en denk ik onwillekeurig: Zou de gemeente de drempels in onze straat speciaal voor hem hebben verhoogd?

Zijn moeder straalt als ze voor de deur staat. "Hij groeit zo goed, hè buurman? Hij is echt een gezonde eter!" Ik slik een lachsalvo in en kijk naar die kleine man. Gezonde eter? Die knul is geen eter, hij is een wandelend snack-universum.

Zijn polootje staat zo strak dat de knoopjes elk moment als dodelijke projectielen door mijn voortuin kunnen schieten. Eén diepe zucht van hem en ik ben een ruit kwijt.

Maar terwijl ik daar sta met de koekjestrommel in mijn hand, krijg ik een flashback waar je u tegen zegt. Ik kijk naar die bolle toet en zie... de oude ik. De ik die ooit de 160 kilo aantikte op de weegschaal. De ik die bij het veters strikken een hoogwerker nodig had en wiens BMI sneller steeg dan de inflatie.

"Gezonde eter," herhaal ik zachtjes tegen de buurvrouw. Ik wil haar eigenlijk toeschreeuwen: Meid, luister naar je buurman! Ik ben de ervaringsdeskundige van deze straat! Ik heb die 160 kilo als een blok beton meegesleept! Ik weet precies hoe het voelt als je je eigen 'Gerrie" voor het laatst hebt gezien ergens in de vorige eeuw. Dat gun je zo’n jochie toch niet?

Straks moet hij op zijn vijfde al een breedtetransport-vergunning aanvragen om de zandbak in te mogen.

Dus daar sta ik dan: de strijd tussen een goede buur zijn en het gezonde verstand. Ik kijk naar de spritsen in de trommel en daarna naar de kleine Michelinman die me aankijkt alsof ik een wandelende frikandel speciaal ben.

"Wil je een soepstengel?" vraag ik dapper. Hij kijkt me aan met een blik van: Ben je serieus, buur? Denk je dat ik deze imposante body heb gebouwd op tarwestengels? Geef me die sprits of ik vreet je deurmat op.

Ik lach maar wat, maar vanbinnen denk ik: Jochie, luister naar de buurman. Ik heb die 160-kilo-oorlog gevoerd. Geloof me, die extra laag vet is fantastisch voor een zeehond op de Noordpool, maar voor een peuter in een rijtjeshuis is het een recept voor een heel lang en hongerig leven.

Volgende keer krijgt hij van mij een wortel. En als de buurvrouw vraagt waarom, zeg ik gewoon: "Omdat ik zijn uitzicht naar beneden ook een eerlijke kans gun!"

Gerard Krispijn