Je gaat nu officieel een traject in waarbij je betaalt om vernederd te worden door een vrouw genaamd Annet. Annet draagt uitsluitend asymmetrische kleding van ongebleekt katoen, ruikt naar patchouli en kruidenthee, en heeft een blik die dwars door je ziel (en je bankrekening) heen kijkt.

Annet zweeft door het lokaal als een soort klei-geest. Terwijl jij daar zit te zweten, te vloeken en te vechten met een homp modder die eruitziet als een mislukte drol, komt zij achter je staan. Ze legt haar ijzig koude handen op de jouwe en fluistert: "Niet dwingen, laat de klei tot jóú spreken."
Nou Annet, de klei spreekt momenteel alleen maar de taal van de zwaartekracht en totale instorting!

Annet heeft ook de irritante gewoonte om alles ‘organisch’ te noemen. Als jouw vaas halverwege de draaibeurt explodeert en de buurman een klodder slib in zijn linkeroog krijgt, noemt Annet dat een "interactief moment van loslaten". Ze vindt het prachtig dat je creatie scheef is. "Perfectie is een gevangenis van de geest," zegt ze, terwijl ze ondertussen wel 45 euro rekent voor een zak klei die ze waarschijnlijk gewoon uit haar eigen achtertuin heeft opgegraven.

En dan dat bakproces. Je levert je ‘meesterwerk’ in en drie weken later krijg je een grijs brokstuk terug dat in de oven is ontploft. Annet kijkt je dan meewarig aan, alsof het jóúw negatieve aura was dat de oven heeft doen barsten. "De klei was er nog niet klaar voor," zucht ze, terwijl ze een slok neemt van haar lauwe brandnetelthee.

Dankjewel Annet. Voor de prijs van deze cursus had ik ook een complete set van de IKEA kunnen kopen die wél rechtop blijft staan en waar géén vingerafdrukken van een hysterische beginner in staan.

In het lokaal van Annet ben je helaas nooit alleen. Je zit namelijk opgesloten met de Klei-Kliek: een select gezelschap dat je doet verlangen naar een eenzame opsluiting in een geluidsdichte kelder.

Eerst heb je Marianne. Marianne is de ‘overachiever’ die al drie jaar elke woensdagavond komt. Terwijl jij nog probeert te begrijpen waarom je klei eruitziet als een gesmolten softijsje, heeft zij al een achtdelig servies inclusief bijpassende botervloot uit haar vingers getoverd.

Marianne kijkt met een mengeling van medelijden en walging naar jouw tafel en zegt dingen als: “Oh, wat dapper dat je voor die asymmetrische, brute look gaat!” Marianne verdient een klomp klei tegen haar achterhoofd, maar daar heb je de kracht niet voor.

Dan is er Sjoerd. Sjoerd is hier niet voor de kunst, maar voor zijn ‘proces’. Sjoerd is een vijftiger in een midlifecrisis die heeft gelezen dat pottenbakken goed is voor je fijne motoriek na een burn-out bij de belastingdienst.

Hij zit met gesloten ogen aan zijn schijf te frummelen, terwijl hij zachtjes mee-neuriet met de walvisgeluiden die Annet op de achtergrond heeft opgezet. Als Sjoerd per ongeluk een gat in de bodem van zijn kom drukt, noemt hij dat een “venster naar zijn onderbewuste”.

En laten we de Spirituele Zussen niet vergeten: twee vriendinnen met teveel kralenkettingen die samen aan één homp klei zitten te trekken om hun ‘vriendschappelijke energie’ te kanaliseren.

Ze giechelen constant en maken dubbelzinnige grappen over ‘natte handen’ en ‘stevige knoppen’, terwijl de modder tot achter hun oren zit.

Jij zit daar tussenin, met een schort dat voor geen meter past, terwijl je stilletjes bidt dat de stroom uitvalt zodat je ongezien kunt ontsnappen naar de dichtstbijzijnde kroeg om je trauma weg te spoelen met iets dat níét naar natte aarde smaakt

Gerard Krispijn