Laten we wel wezen: mijn geslachtsdeel en ik hadden de afgelopen jaren een relatie die je het beste kunt vergelijken met die tussen een kluizenaar en de belastingdienst. Ik wist dat hij ergens bestond, maar ik zag hem nooit en hoopte eigenlijk dat hij me niet lastig zou vallen terwijl ik op de bank een zak ribbelchips wegwerkte.
Ik noem hem Gerrie. En Gerrie zat al jaren in een getuigenbeschermingsprogramma, diep ondergedoken onder een gigantische, vlezige afdak die ik mijn 'buik' noemde.
Mijn afvalmethode was simpel maar wreed: ik heb de frituurpan ritueel geëxecuteerd en de bezorgers van Thuisbezorgd collectief een trauma bezorgd door nooit meer open te doen. Geen sportschool voor mij – ik was te druk met het voeren van existentiële gesprekken met een bakje magere kwark. Ik heb in zes maanden meer bloemkoolrijst gezien dan een menselijk wezen aankan zonder spontaan te gaan loeien.
Maar de beloning kwam vanochtend. Tijdens het afdrogen gleed de handdoek iets te ver naar beneden en daar stond-ie. Ik schrok me de tering. "Verdomd," riep ik tegen de badkamerspiegel, "er groeit een paddenstoel uit mijn schaamstreek!"
Maar nee, het was Gerrie.
Hij keek een beetje verbaasd om zich heen, als een Japanse soldaat die in 1975 uit de jungle komt zetten en ontdekt dat de oorlog al dertig jaar voorbij is. "Hé Gerrie," zei ik, "leuk dat je weer even komt buurten. Sorry van die veertig kilo vet die op je hoofd lag te slapen, maar papa heeft de bitterballen afgezworen."
Jarenlang was een toiletbezoek een gokspelletje. Ik moest op goed geluk mikken, als een blinde die met een brandslang een vlammetje probeert te doven. Ik heb zelfs overwogen om een kleine periscoop aan te schaffen om te zien of de boel nog wel volgens de voorschriften gesnoeid was. Dat hoeft niet meer.
Gerrie is eindelijk uit de schaduw van de 'Mount Everest van Vet' gestapt. Het is een medisch wonder. Het Voedingscentrum lult wel over BMI en bloeddruk, maar ze vergeten het belangrijkste voordeel: dat je weer kunt plassen zonder dat je je eigen veters uit het oog verliest.
Welkom terug, Gerrie. De komende tijd houden we het bij worteltjes. Niet omdat ik dat zo lekker vind, maar omdat ik je eindelijk weer kan zien zonder dat ik een spiegel op een bezemsteel hoef te plakken.
Gerard Krispijn