Ik zat me een beetje te vervelen en ik pakte even mijn rekenmachine. Corrigeer me maar als ik het fout heb.
Nederland heeft sinds 2022 ongeveer € 20,8 miljard aan steun aan Oekraïne gegeven daar zit ook bij de militaire steun. . Gedeeld door ongeveer 9,8 miljoen werkenden is dat, pak hem er even bij, € 2.120 per werkende Nederlander.
Nee, niet letterlijk uit jouw portemonnee gehaald en met een strik erom naar Oekraïne gestuurd. Zo simpel werkt het natuurlijk niet. Maar het is wel ons gezamenlijke geld.
En dan lijkt mij één simpele vraag toch niet zo vreemd: wat hadden we met die poen óók in Nederland kunnen doen?
Neem de zorg. Daar geven we jaarlijks ongeveer € 114 miljard aan uit. Die € 20,8 miljard is bijna 18 procent van een heel jaar zorguitgaven. Om het even duidelijk te maken: dat is 1 op de 5 euro. En ondertussen betalen we steeds meer voor onze zorg en mogen we, als we pech hebben, gewoon maanden op zo'n klote wachtlijst gaan zitten.
Dan de brandstof. Het leukste speeltje van Jetten. De tijdelijke accijnskorting kost ongeveer € 1,7 miljard per jaar. Met € 20,8 miljard zou je die korting theoretisch twaalf jaar kunnen financieren. Dan hoefden we dus twaalf jaar lang niet iedere keer opnieuw te discussiëren of de automobilist misschien weer iets meer mag betalen.
Maar oké.
Volgens Jetten moeten we autorijden gewoon zien als een luxe hobby. Naar je werk rijden? Hobby. Kinderen naar school brengen? Hobby. Naar de dokter rijden? Luxe-uitje.
En dan hebben we de asielopvang. In 2025 werden 15.600 eerste asielbesluiten genomen. Daarvan werden er ongeveer 8.100 afgewezen. Dat betekent overigens niet dat die 8.100 mensen allemaal geen verblijfsvergunning krijgen; bezwaar en beroep kunnen dan nog volgen. Maar opvang kost ondertussen wel gewoon geld. De overheid rekent gemiddeld ongeveer € 91 per persoon per dag voor reguliere opvang.
10.000 mensen een jaar opvangen? € 332 miljoen. Noodopvang? Bijna € 672 miljoen. En dat is alleen nog de opvang. Daar komen onder andere procedures, personeel, beveiliging, rechtspraken en terugkeerkosten nog bij. Dus het is geen goedkoop hotelletje van Booking.com met ontbijt.
En nu dus even het volgende, als je er nog steeds bij bent. Want als burger hoor je voortdurend: “Er is geen geld.” We moeten bezuinigen. We moeten keuzes maken. De zorg moet betaalbaar blijven. De koopkracht staat onder druk. Energie is duur. Brandstof is duur. Wonen is duur. Belastingen zijn hoog.
Sorry, maar dan gaat deze eenvoudige lul toch even denken. Hoe kan het dat er voor sommige zaken miljarden beschikbaar zijn, terwijl ik mijn eigen euro zes maal moet omdraaien voordat ik besluit iets te kopen?
Dat is toch geen vreemde vraag? Volgens mij is dat juist de vraag die wij moeten stellen.
Tegenwoordig is het blijkbaar al een misdaad om te vragen waarom we ergens steun voor geven. Zeg je dat je de steun aan Oekraïne te veel vindt, dan lig je volgens de ander Poetin te pijpen op een zondagmorgen. Of zeg je dat de miljarden voor migrantenopvang best veel zijn, dan ben je een extremist en zo extreemrechts dat je thuis een nazivlag hijst.
Maar dit gaat niet over afkomst. Het gaat niet over huidskleur. Het gaat niet over religie. Het gaat niet over links of rechts. Het gaat over iets veel eenvoudigers: geld. Ons gezamenlijke geld.
En iedere euro kun je maar één keer uitgeven. Dat is geen politieke mening. Dat is rekenen. En blijkbaar is rekenen tegenwoordig een behoorlijk gevaarlijke hobby.
Want wanneer iemand iedere maand zijn eigen belasting betaalt, lijkt het mij niet onredelijk dat die persoon ook mag vragen wat er met dat geld gebeurt. Welke keuzes maken we met ons geld?
En misschien is het tijd dat we die vraag weer gewoon mogen stellen. Want als ik mijn belasting netjes betaal, lijkt het me niet zo vreemd dat ik af en toe wil weten waar het geld gebleven is. Dat is geen extremisme. Dat is geen haat.
En als dat tegenwoordig al een gevaarlijke vraag is… dan wordt het misschien tijd om niet de vraagsteller, maar het systeem eens onder de loep te nemen.
Want één ding weet ik inmiddels zeker: de Nederlandse belastingbetaler heeft geen gebrek aan goede bedoelingen. Hij heeft vooral behoefte aan iets heel eenvoudigs: een beetje financiële ademruimte.
En misschien, heel misschien… ook gewoon het gevoel dat zijn eigen overheid hem niet pas ziet wanneer er weer iets te betalen valt.
Gerard Krispijn